maandag 1 december 2014

Apostaat Bergoglio steekt Sint-Franciscus het mes in de rug!

 

 

 

 

 

 

 

 

Pope Francis vs. St. Francis of Assisi - the "Blue Mosque" Affair

"Sint-Franciscus voor de Sultan" versus "Bergoglio in de Blauwe moskee"

BERGOGLIO IS DE GROOTSTE APOSTAAT UIT DE GESCHIEDENIS VAN DE KERK!

Link:

http://www.cfnews.org/page88/files/2191f0efb39c5c77282dd8313862eb87-307.html

De sultan van Babylon


Franciscus had de stille hoop de eer van het martelaarschap te mogen ontvangen. ‘Zo ging hij in het dertiende jaar na zijn bekering voor de derde keer naar Syrië en stelde hij zich vastberaden aan vele gevaren bloot doordat hij de sultan van Babylon persoonlijk wilde ontmoeten. Tussen de christenen en Saracenen woedde toen een zo meedogenloze oorlog dat het , hoewel de kampen van beide legers dicht tegenover elkaar lagen, van weerskanten onmogelijk was zonder levensgevaar van het ene kamp naar het andere te komen. De sultan had immers het wrede besluit uitgevaardigd dat wie hem het hoofd van een christen bracht, als beloning een Byzantijns gouden muntstuk zou ontvangen. Maar Franciscus, de onverschrokken ridder van Christus, liet zich niet afschrikken. Hij hoopte in de nabije toekomst het doel waarnaar hij met heel zijn hart verlangde, te kunnen bereiken. Zonder zich van de dreigende dood iets aan te trekken, besloot hij, ertoe gedreven door zijn verlangen voor Christus te sterven, op weg te gaan. En na eerst gebeden te hebben, zong hij, zijn kracht vindend in God, vol vertrouwen het woord van de psalmist: “Al moet ik door de diepste duisternis van de dood heen, ik zal geen onheil vrezen, want u bent altijd bij mij” (Psalm 23,04).

Als metgezel koos hij een medebroeder uit, Illuminatus - ‘de Verlichte’ - geheten. Deze man leefde deugdzaam in het licht van Gods genade. Met hem ging hij op weg. Op een gegeven moment zagen ze twee schapen. Die ontmoeting deed de heilige man veel plezier en vrolijk zei hij tot zijn metgezel: “Vertrouw op de Heer, broeder! Bij ons gaat immers het woord van het evangelie in vervulling: ‘Zie ik zend jullie als schapen onder de wolven’ (Matteus 10,16). Toen ze wat verder voortgegaan waren, stootten ze op een troep hun tegemoet komende Saraceense soldaten. Als razende wolven die een aanval deden op schapen, snelden dezen op Gods dienaren toe en overmeesterden hen op ruwe wijze. Hun wreedheid en verachting op hen botvierend beschimpten ze hen, bewerkten hen met zwepen, en sloegen hen in de boeien. En na hen danig toegetakeld te hebben en veel mishandelingen te hebben laten ondergaan, brachten ze Gods dienaren tenslotte - Gods voorzienigheid beschikte het zo - vóór de sultan precies wat de man Gods had verlangd. Op diens vraag wie hen gezonden had, met welk doel ze gezonden waren, wat voor een zending ze hadden en hoe ze bij hem hadden kunnen komen, antwoordde Christus’ dienaar onverschrokken dat hij niet op bevel of met hulp van een mens door de linies gekomen was, maar dat de allerhoogste God hem er doorheen had laten trekken om hem, de sultan, en zijn volk de weg naar het eeuwig heil kenbaar te maken en het ware evangelie te verkondigen. En zo rustig en vastberaden, zo moedig en enthousiast sprak hij tot de sultan over de Drie-Ene God en over Jezus Christus, de Zaligmaker van alle mensen, dat overduidelijk in hem bewaarheid bleek wat het evangelie zegt: “Ik zal jullie welsprekend maken en een wijsheid geven die geen tegenstander zal kunnen weerstaan of weerspreken” (Lukas 21,15).

Want toen de sultan het wonderbaarlijke enthousiasme en de geestkracht van de man Gods zag, luisterde hij ook graag naar hem; hij drong er met nadruk bij Franciscus op aan bij hem te blijven. Maar Christus’ dienaar antwoordde hem, op ingeving van God: “Als u zich met uw volk tot Christus wilt bekeren, zal ik uit liefde voor Hem graag bij u blijven. En als u er misschien tegen opziet, omwille van het geloof in Christus, de wet van Mohammed af te zweren, laat dan een zeer groot vuur ontsteken; samen met uw priesters zal ik dat vuur ingaan, opdat u erachter zult komen aan welk geloof men zich terecht houden moet om zijn grotere zekerheid en heiligheid.” In antwoord hierop zei de sultan tot hem: “Ik denk niet dat één van mijn priesters bereid is om dat vuur in te gaan of vrijwillig enige foltering te ondergaan om zijn geloof te verdedigen.” Want hij had gezien hoe één van zijn priesters, een hoogbejaarde vertrouweling van hem, zich bij het horen van dat voorstel onmiddellijk uit de voeten had gemaakt.

Toen zei de heilige man: “Ik wil ook wel alleen door dat vuur gaan. Maar dan moet u mij wel, ook namens uw volk, beloven dat u en uw volk tot de christelijke eredienst zal overgaan, wanneer ik er ongedeerd uit zal komen. Mocht ik verbranden, geef dan de schuld aan mijn zonden; maar als Gods macht mij zal beschermen, erken dat Christus, Gods kracht en Gods wijsheid, waarachtig is en Heer en Verlosser van alle mensen.” De sultan zei vervolgens dat hij het niet waagde hierop in te gaan, omdat hij dan een oproer van het volk vreesde. Wel bood hij de man Gods vele kostbare geschenken aan.’ Die weigerde Franciscus. Hij wilde geen goud, hij wou zielen redden. Bovendien - zo besluit Bonaventura dit verhaal - zag Franciscus niet het geringste zaad van een ware godvruchtigheid in de ziel van deze sultan.

[Vgl. Bonaventura, Grote Levensbeschrijving, IX.7-8; Haarlem, Gottmer, 1978 p:103-105; vgl. Giotto’s fresco nr. 11 in de San Francesco te Assisi]

Geen opmerkingen:

S.E. Mons. Mario OLIVERI - Vescovo emerito di Albenga-Imperia

S.E. Mons. Mario OLIVERI - Vescovo emerito di Albenga-Imperia

Raymond Kardinaal Burke: ‘We have to judge acts’

Raymond Kardinaal Burke: ‘We have to judge acts’

We Stand In Support of Padre Stefano Manelli

We Stand In Support of Padre Stefano Manelli

Raymond Kardinaal Burke

Raymond Kardinaal Burke
Curie-Kardinaal en Prefect van de 'Hoogste Rechtbank van de Apostolische Signatuur', zei op 13 december 2013: "Het 'Evangelii Gaudium' van Bergoglio behoort NIET tot het Pauselijke Magisterium"

Paus Benedictus XVI

Paus Benedictus XVI

Een meditatie over het Heilig Misoffer