zaterdag 2 februari 2013

Kerkfabrieken/Kerkraden - Gebouwen van Eredienst - Herhaling van de principes aangaande het gebruik van een kerk en de beschikking erover

Wie ook de eigenaar is van een kerk, die bestemd is voor de openbare uitoefening van de Eredienst, het gebruik ervan en de beschikking erover zijn onderworpen aan belangrijke beperkingen:

a. Elke kerk die bestemd is voor de openbare uitoefening van de Eredienst, maakt deel uit van het openbaar domein en is buiten de handel; uit dien hoofde is de eigendom ervan onvervreemdbaar en onverjaarbaar zolang deze bestemming voortduurt; deze regel strekt zich uit tot het onroerend toebehoren van de kerk dat er een noodzakelijk onderdeel van uitmaakt, zoals de toren en de klokketoren, het voorportaal, de steunberen, de sacristies (PAND, BEL-GES, V° Eglise, nrs. 55 en 87).

b. Men kan geen enkele erfdienstbaarheid verwerven op een gebouw van de eredienst, zelfs niet door verjaring.

c. Wanneer de gemeente eigenaar is van de kerk, houdt haar eigendomsrecht geen enkel recht van gebruik in met betrekking tot de kerk en zijn toebehoren; de gemeente is niet gerechtigd erover te beschikken vermits zij, hoewel ze eigenaar is, verplicht is, krachtens de organieke wetten op de eredienst, de bijzondere bestemming van de kerk zijnde de uitoefening van de Eredienst te bewaren; in deze hypothese moet de gemeente deze bestemming eerbiedigen en bijgevolg de vrije en exclusieve beschikking over de kerk overlaten aan de kerkelijke overheden en de leden van de kerkfabriek.

d. Dit alles betekent dat, wie ook de eigenaar is van een kerk die bestemd is voor de openbare uitoefening van de Eredienst - gemeente, kerkfabriek of andere - het gebruik ervan toekomt aan de kerkelijke overheid, de bisschop en de pastoor-kerkbedienaar, deze laatste vaak bijgestaan door een parochiale ploeg die te onderscheiden is van de kerkfabriek; tenslotte behoort het politierecht in de kerk toe aan de pastoor-kerkbedienaar, dewelke over de sleutel van het gebouw beschikt, doch deze sleutel kan hij overhandigen aan een vertrouwenspersoon, bijvoorbeeld de koster.

e. Het beschikkings- en genotsrecht over om het even welke kerk die bestemd is voor de openbare uitoefening van de Eredienst wordt bepaald en beperkt door deze bestemming: de kerkfabriek of de gemeente, in de hypothese dat deze laatste eigenaar is van de kerk en de kerstfabriek derhalve vruchtgebruiker is, moeten de bestemming bewaren van de gebouwen die bestemd zijn voor de uitoefening van de openbare eredienst; zij mogen er geen gebruik van maken noch toestaan dat vreemd is aan deze bestemming (een uitzondering kan nochtans gemaakt warden voor bepaalde gevallen van overmacht en wanneer de kerk aldus bijdraagt tot een dienst van openbaar nut, zonder evenwel dat zijn bestemming daardoor in belangrijke mate wordt aangetast).


Conclusie

Een kerk die bestemd is voor de openbare uitoefening van de Eredienst wordt bepaald en beperkt door deze bestemming.

Een nevenbestemming die vreemd is aan deze bestemming mag wettelijk niet worden toegestaan. [Dit gaat zelfs zover dat de tegenwoordig populaire drankgelagen die in kerken na 'vieringen' georganiseerd worden en waarbij zonder vergunning alcohol wordt geschonken, de facto onwettig zijn en zelfs voor de strafrechter strafbaar zijn!]

Een kerk herbestemmen, nadat deze ontrokken is aan de Eredienst, kan enkel maar met het akkoord van de bisschop.

De bisschop beschikt dus altijd over het absolute veto-recht!

Geen opmerkingen:

S.E. Mons. Mario OLIVERI - Vescovo emerito di Albenga-Imperia

S.E. Mons. Mario OLIVERI - Vescovo emerito di Albenga-Imperia

We Stand In Support of Padre Stefano Manelli

We Stand In Support of Padre Stefano Manelli

Paus Benedictus XVI

Paus Benedictus XVI

Een meditatie over het Heilig Misoffer