maandag 30 juni 2014

Antwoord aan Mieke Van Hecke: hoe katholiek is haar visietekst?

Geachte Mevrouw Van Hecke,

Hoewel er goede dingen staan in het document waar u naar verwijst, schiet deze tekst toch vooral enorm te kort op diverse terreinen.

In uw reactie hebt u ook geen enkel woord van waardering voor wat provita doet en uit u ook geen enkel voorbehoud bij de inhoud die door sensoa wordt verspreid.

Ik wil hierbij enkele punten vermelden.

*Nergens staat er in de tekst een kritische bedenking over de visie van sensoa, cavaria, faranet en aanverwanten, maar er wordt wel veelvuldig naar verwezen.

Bij het gedeelte over porno bijvoorbeeld staat er: “Maak leerlingen ervan bewust dat pornofilms een vertekend beeld geven van seksuele relaties tussen mensen.”

In de links wordt er verwezen naar sensoa en wat zegt men daar over porno?

“Porno geeft een vertekend beeld van seksualiteit. Zolang je daar bewust van blijft, is er niks mis met regelmatig naar porno kijken en ervan genieten. Het kan zelfs zeer ontspannend zijn, iets dat je even afleidt van de dagelijkse beslommeringen.”

Hier wordt porno dus overduidelijk als iets goeds bestempeld. Zoiets als computerspelletjes (zolang je maar beseft dat het niet de realiteit is en je er niet aan verslaafd geraakt, is er niets mis mee).

Er staat geen enkele link die een andere visie over porno verkondigt!

*De genderideologie, waarbij wordt aangeleund, is absoluut niet onschuldig. Ik verwijs hiervoor naar de analyse van Gabriele Kuby over Gender Mainstreaming. Het is een onwetenschappelijke visie die verwoestende gevolgen heeft voor de seksuele moraal en de identiteitsontwikkeling van kinderen.

*Er wordt kritiekloos verwezen naar de ideeën over gelijkwaardigheid vanuit de homobeweging. De ideeën van de moderne homobeweging zijn gegroeid vanuit de behoefte om het verbod op homoseksuele handelingen af te schaffen. Ze zijn ideologisch gefundeerd en verdragen geen kritisch denken ten opzichte van homoseksualiteit zelf! Het succes ervan kan je vergelijken met dat van een sekte die kwetsbare mensen verleidt met slogans, positieve affirmatie en een pseudowetenschappelijke identiteit waardoor ze radicaliseren en emotioneel gebonden worden aan het groepsdenken. Hiervoor verwijs ik ondermeer naar “The Born Gay Hoax” van Ryan Sorba.

*De katholieke leer inzake seksualiteit wordt nauwelijks of niet verdedigd of aangeprezen. Er wordt niets gezegd over Humanae Vitae, de waarde van NFP ten opzichte van anticonceptie, het respect voor het leven vanaf de bevruchting, de immoraliteit van homoseksuele handelingen (respect voor de homoseksuele persoon is iets helemaal anders als respect voor het seksueel gedrag, bemin de zondaar, niet de zonde!), het belang van wachten met seks tot het huwelijk (vanuit persoonlijke, maatschappelijke en sacramentele overweging), de katholieke moraal als beste preventie tegen aids en andere soa’s.

De verwijzingen naar nfp.be en jongereninfolife.be zijn daarbij als het ware een lichtpuntje in de duisternis. Voor de rest is een christelijk voor- en nawoord met wat bijbelse referenties absoluut onvoldoende als men weet hoe tegenwoordig de maatschappij overheerst wordt door de libertijnse visie op seksualiteit waarbij alles mag en alles kan, zolang het maar “veilig” gebeurt.

Een probleem is vaak dat men het kwaad niet wil zien. Men wil liefst blijven geloven dat het kwaad beperkt is tot enkele zieke randfiguren en dat het overgrote gedeelte van de bevolking weinig of niets verkeerd doet. Dat leidt ertoe dat men blind wordt voor het kwaad in homoseksualiteit, anticonceptie, voorhuwelijkse betrekkingen, zelfbevrediging, abortus, IVF, porno enzovoort. Christenen moeten profeten zijn die durven spreken, die tegen de stroom in durven gaan, in plaats van mee te huilen met de wolven tegen het kerkelijke leergezag!

Hoogachtend,

D. B.



Nog meer bedenkingen bij de “visietekst” van het VSKO over “relationele en seksuele vorming” van Mieke Van Hecke:

De zorgvuldige nalezing van deze tekst leidde niet tot een relativering van onze bezwaren, maar tot een confirmatie ervan.

In uw antwoord stelt u dat het de uitdrukkelijke opdracht is van het VSKO om het “visioen” van de evangelische boodschap te hertalen. Mogen wij u erop attent maken dat de evangelische boodschap geen visioen is, maar gebaseerd is op de geschiedkundige werkelijkheid van het leven, de leer en het voorbeeld van Jezus Christus. Zijn leer moet “overgedragen” worden naar de volgende generaties en niet “hertaald”, want dat laatste betekent in de praktijk iets heel anders en nogal eens net het tegenovergestelde.

De visietekst bevat, naast enkele redelijk goede maar vage passages, ook zeer bedenkelijke tot zelfs verwerpelijke vanuit een zuiver christelijk perspectief. Er wordt overvloedig in gerefereerd naar verenigingen waarvan de seksuele moraal in formele tegenspraak is met de katholieke, terwijl de verwijzingen naar specifiek christelijke (laat staan katholieke) literatuur eerder schaars zijn, om het zacht uit te drukken. Van de christelijke spiritualiteit die er de grondslag voor zou moeten zijn, is er weinig te merken, behalve in wat algemeenheden. Grote nadruk wordt er gelegd op de technische aspecten van de seksuele vorming, terwijl er weinig of niets te merken valt van een consequente katholieke ethiek (zie pag. 7, waar het “ontwikkelen van waarde- en normbesef” als vijfde en laatste punt wordt vermeld). De concrete aanpak van de “Relationele en seksuele vorming” gebeurt vanuit een zogenaamde “hedendaagse benadering” (sic, pag.4), iets waarmee men zo ongeveer alle kanten op kan. Elders worden dan weer open deuren ingetrapt, met zinnen zoals “Die waarden en normen kunnen sterk verschillen van mens tot mens en ze kunnen in plaats en tijd veranderen” (pag.8), die niets bijbrengen en enkel als alibi kunnen dienen voor een “doe maar op” cultuur.

Op pag.5 wordt het gehanteerd “biopsychosociaal” model voorgesteld. Religie wordt daarin als laatste item ondergebracht in het vakje “sociale factoren”. Dit driehoeksmodel illustreert goed de gebruikte waardeschaal in deze visietekst: “Tenslotte wil seksuele vorming waarden en normen bespreekbaar maken en verhelderen en op die manier meningsvorming stimuleren” (pag.8). Het is dus vooral zaak om niet te veel de nadruk te leggen op een seksuele moraal die gebaseerd is op de katholieke leer aangaande seksueel gedrag. Gebeurt dit uit vrees om sommige andersdenkende leerlingen of ouders te “kwetsen”? Of moet een kwaliteitsvolle geloofsoverdracht wijken voor het streven naar een zo groot mogelijk leerlingenaantal? Voortgaande op wat we verder lezen op pag.8 (“Bij het uitwerken van de visie zijn ook het niet onderwijzend personeel, de ouders, de leerlingen en het CLB betrokken partijen”) rijst er een vermoeden dat beide overwegingen hierin hun rol hebben gespeeld. Deze “open” aanpak laat in ieder geval niet veel ruimte meer voor een coherent katholiek moraalonderricht.

Het thema “anticonceptiemiddelen” (pag.14) wordt bondig en technisch omschreven, zonder ook maar enige verwijzing naar morele afwegingen, laat staan (al was het alleen maar ter informatie) naar het kerkelijk standpunt ter zake, zoals verwoord in de encycliek Humanae Vitae. De aangehaalde bronnen zijn van moreel neutrale aard of uitgesproken vrijzinnig (sensoa, jeugd en seksualiteit). Op pag. 16, waar de diversiteit wordt behandeld, wordt de genderideologie geïntegreerd in het vormingsbeleid en krijgen de leerkrachten de raad “staar je niet blind op de verschillen tussen jongens en meisjes “ en vooral “werk roldoorbrekend in het geven van voorbeelden”. Onze jongeren zouden anders wel eens kunnen uitgroeien tot volwaardige mannen en vrouwen.... Op pag. 18 wordt aangemaand om homo- en heteroseksuele geaardheid op een gelijkwaardige manier te behandelen en “vooroordelen” te bestrijden. Zowel vanuit christelijk als biologisch perspectief is seksualiteit in de eerste plaats gericht op de voortplanting in ideale omstandigheden. Toch moet volgens deze visietekst homoseksualiteit (waarvan de benaming eigenlijk een contradictio in terminis is) als “gelijkwaardig” worden behandeld, tegen elke christelijke traditie in en ten dienste van een slaafse politieke correctheid.

Op pag.20 geeft men raad over het RSV onderwijs in een multiculturele klas. Daar wordt helemaal niet meer gesproken van katholiek onderricht ter zake. Integendeel: “Benoem de diversiteit in normen en waarden zonder hierover een oordeel te vellen”. Dus: vooral niet uitkomen voor je eigen christelijk oordeel en geweten. Daarenboven: “Wijs jongeren op de internationale seksuele en reproductieve rechten”. Dit kan regelrecht uit de pen komen van een progressieve feministe, maar waar die zogenaamde “internationale reproductieve rechten” werden goedgekeurd of vastgelegd, is niet geweten. Onder “seksueel grensoverschrijdend gedrag” op pag. 21 wordt nergens melding gemaakt van een christelijke zedelijkheid, laat staan van het aanleren van seksuele zelfdiscipline, of van een normering in functie van het hoofddoel van seksualiteit (een gezonde voortplanting). Op de volgende pagina wordt onder “Tienerzwangerschap” kort en droog vermeld “Het betrokken meisje heeft beslissingsvrijheid” (inzake abortus), zonder ook maar even aan te halen dat de katholieke leer vrijwillige zwangerschapsafbreking als een zeer zware doodzonde bestempelt. De aangehaalde referenties onderaan verwijzen naar literatuur waarin de “keuzevrijheid” van de vrouw centraal staat en waarin er geen moreel standpunt wordt ingenomen ten aanzien van abortus.

Dezelfde neutrale opstelling, wars van enige christelijke moralisering, wordt doorgetrokken op de volgende pagina’s. Over “Veilig vrijen” (pag.23): “Vermijd een ethiek van de vrees waarbij men jongeren seksueel inactief wil houden door allerlei gruwelverhalen te vertellen”. In plaats van de jongeren te leren hun gevoelens te kanaliseren en onder een verantwoorde controle te houden, leert men hen technieken om planmatig de gevolgen van een vrije seksbeleving zo goed als mogelijk te omzeilen. In laatste instantie is er dan natuurlijk nog het “vrije beslissingsrecht” van het betrokken meisje, dat nog eens benadrukt wordt op pag. 24, onder de titel “zwangerschapsafbreking - abortus”.

Deel 3, op pag.26, behandelt de vakoverschrijdende eindtermen. Daar leest men o.a.: “Hoe scholen dit concreet invullen, behoort tot de pedagogische vrijheid van de school en hangt dus sterk af van hoe belangrijk ze het thema vinden, van hun visie en schoolcultuur hieromtrent”. Maar o wee als Mieke Van Hecke erachter komt dat een bepaalde school het lef heeft gehad om Pro Vita uit nodigen, zodat onze jongeren kunnen kennismaken met een authentiek christelijke moraalleer inzake seksualiteit, abortus en andere ethisch gevoelige onderwerpen. Om tenslotte aan het geheel toch nog een christelijk tintje te geven wordt er afgerond met een hoofdstuk “Bijbelfragmenten”. Zij bezingen allemaal “de liefde” in haar diverse aspecten en definities. Maar geen enkele hiervan handelt over de wijze waarop de algemene liefdeswet vertaald wordt in concrete christelijke waarden, normen, geboden en verboden. Het lijkt wel of in naam van “de liefde” alles is toegelaten....

Een samenspel van commerciële en politieke motieven, ondersteund door een Leuvens modernisme dat haar katholieke ziel heeft prijsgegeven aan de “hedendaagsheid”, leidde tot een steeds lagere profilering van het katholieke onderwijsnet. De praktijk (zowel de politieke als de religieuze) toont aan dat zulk beleid het tegenovergestelde effect heeft van het beoogde. De resterende verschillen tussen katholiek – en staatsonderwijs worden steeds meer afgevlakt. Van verscheidene kanten krijgen we al berichten van mensen die de voorkeur geven aan het geloofsonderricht in het rijksonderwijs boven dat van het katholieke, omdat hun kinderen daar grondiger kennis maken met de concrete geloofsinhoud. De vrijwaring van de solide positie van het katholiek onderwijs binnen ons bestel, wordt gaandeweg uitgehold, aangezien het zijn inhoudelijke bestaansreden grotendeels heeft kwijtgespeeld. Het is zeker niet met visieteksten die uitblinken in vaagheid en doorspekt zijn van dooddoeners dat deze situatie zal verbeteren.

In het belang van het resterende katholiek bewustzijn van onze bevolking en met het verschuldigde respect voor de positieve kanten van uw beleid, menen we dat het ogenblik is aangebroken om ten aanzien van de komende generaties uw verantwoordelijkheid op te nemen. Dat kan enkel gebeuren door een drastische koerswijziging, of door plaats te ruimen voor een frisse nieuwe katholieke wind, aangedreven door beleids- en onderwijsmensen met een durvende rechtlijnigheid in zake katholiek geloof en moraal, zonder complexen. Enkel zulke radicale ommekeer kan de toekomst van ons eertijds zo geprezen katholiek onderwijs nog redden.

Zoals we zeiden bij de aanvang: Wij maken ons sterk dat wij hiermee woordvoerder zijn van een groeiende malaise in heel wat katholieke middens.

Graag eindigen wij dit omstandig antwoord met het volgend toepasselijk citaat uit de brieven van St Paulus:

'Ten slotte zoekt uw kracht bij de Heer en zijn almacht. Legt de wapenrusting Gods aan om te kunnen standhouden tegen de listen van de duivel. Want onze strijd is niet tegen vlees en bloed, maar tegen de heerschappijen, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van deze duisternis, tegen de boze geesten in de hemelen. Grijpt daarom naar de wapenrusting Gods; dan kunt ge weerstand bieden op de dag der verschrikking en staande blijven, strijdend tot het einde..

Neemt ook de helm van het heil en het zwaard van de Geest, dat is, het Woord Gods.'
Efeziërs 6, 10-17

Met christelijke groeten,

I. V. H.

3 opmerkingen:

Anoniem zei

Beste Guardian Angel

Zoals u weet is de link naar de website dood, van het net gehaald. Is er iemand van de lezers die bv eens dat pdf bestand op een veilige plaats kan plaatsen bv een dropbox internet adres waar men het kan downloaden.

Dropbox kan men maken met een fantasie account om anoniem te blijven.

In 'Kerk en leven' van 25 juni, dat vrijzinnig blaadje, staat een ganse blz of mieke van hecke hoe haar GELOOF haar leven tekent, en ze zelfs een oorkonde kreeg van de paus ??? Voor haar verdiensten
als 'kerk en leven' haar "christelijke " visie ophemelt en zelfs de paus dan moeten wij achterlijken toch allemaal verkeerd zijn en in Inspiratie van jaren geleden wisten we ook al van haar "geloof". I

Ik ben dus overtuigd dat deze vrouw een zeer christelijke visie moet hebben en wij allemaal ongelovigen moeten zijn en nog in de Middeleeuwen moeten leven.

De video van bisschop Bonny zegt het trouwens ook, zo een christelijke visie komt ge niet elke dag tegen...

The Guardian Angel zei

Dergelijke 'oorkonden' betekenen helemaal niks. Ze worden gewoon door de parochie of het bisdom aangevraagd en in massa geproduceerd daar in Rome.

Anoniem zei

Deze oorkonden zijn inderdaad één van de bronnen van inkomsten van het vatikaan.

S.E. Mons. Mario OLIVERI - Vescovo emerito di Albenga-Imperia

S.E. Mons. Mario OLIVERI - Vescovo emerito di Albenga-Imperia

Raymond Kardinaal Burke: ‘We have to judge acts’

Raymond Kardinaal Burke: ‘We have to judge acts’

We Stand In Support of Padre Stefano Manelli

We Stand In Support of Padre Stefano Manelli

Raymond Kardinaal Burke

Raymond Kardinaal Burke
Curie-Kardinaal en Prefect van de 'Hoogste Rechtbank van de Apostolische Signatuur', zei op 13 december 2013: "Het 'Evangelii Gaudium' van Bergoglio behoort NIET tot het Pauselijke Magisterium"

Paus Benedictus XVI

Paus Benedictus XVI

Een meditatie over het Heilig Misoffer