vrijdag 22 juni 2012

De speech van presidentskandidaat John F. Kennedy over 'godsdienstvrijheid' in 1960... Is dit de kiem van de Verklaring over de 'godsdienstvrijheid' - 'Dignitatis humanae' - tijdens het Tweede Vaticaans Concilie in 1965???

Op 12 september 1960 gaf presidentskandidaat John F. Kennedy een belangrijke speech voor de Greater Houston Ministerial Association, een groep van protestantse predikanten, over de kwestie van 'zijn' religie. In die tijd vroegen veel protestanten zich af of Kennedy's Rooms-Katholieke Geloof hem wel in staat zou stellen om belangrijke nationale beslissingen als president onafhankelijk van de Katholieke Kerk (en de Paus) te nemen. Kennedy wilde dus als Katholiek ook door een sceptisch publiek van protestantse predikanten verkozen worden.




Hier volgt een transcript van het eerste stuk van de speech van Kennedy:


Address to the Greater Houston Ministerial Association

delivered 12 September 1960 at the Rice Hotel in Houston, TX


Kennedy: Rev. Meza, Rev. Reck, I'm grateful for your generous invitation to speak my views.

While the so-called religious issue is necessarily and properly the chief topic here tonight, I want to emphasize from the outset that we have far more critical issues to face in the 1960 election: the spread of Communist influence, until it now festers 90 miles off the coast of Florida; the humiliating treatment of our president and vice president by those who no longer respect our power; the hungry children I saw in West Virginia; the old people who cannot pay their doctor bills; the families forced to give up their farms; an America with too many slums, with too few schools, and too late to the moon and outer space.

These are the real issues which should decide this campaign. And they are not religious issues — for war and hunger and ignorance and despair know no religious barriers.

But because I am a Catholic, and no Catholic has ever been elected president, the real issues in this campaign have been obscured — perhaps deliberately, in some quarters less responsible than this. So it is apparently necessary for me to state once again not what kind of church I believe in — for that should be important only to me — but what kind of America I believe in.

I believe in an America where the separation of church and state is absolute, where no Catholic prelate would tell the president (should he be Catholic) how to act, and no Protestant minister would tell his parishioners for whom to vote; where no church or church school is granted any public funds or political preference; and where no man is denied public office merely because his religion differs from the president who might appoint him or the people who might elect him.

I believe in an America that is officially neither Catholic, Protestant nor Jewish; where no public official either requests or accepts instructions on public policy from the Pope, the National Council of Churches or any other ecclesiastical source; where no religious body seeks to impose its will directly or indirectly upon the general populace or the public acts of its officials; and where religious liberty is so indivisible that an act against one church is treated as an act against all.

For while this year it may be a Catholic against whom the finger of suspicion is pointed, in other years it has been, and may someday be again, a Jew— or a Quaker or a Unitarian or a Baptist. It was Virginia's harassment of Baptist preachers, for example, that helped lead to Jefferson's statute of religious freedom. Today I may be the victim, but tomorrow it may be you — until the whole fabric of our harmonious society is ripped at a time of great national peril.

Finally, I believe in an America where religious intolerance will someday end; where all men and all churches are treated as equal; where every man has the same right to attend or not attend the church of his choice; where there is no Catholic vote, no anti-Catholic vote, no bloc voting of any kind; and where Catholics, Protestants and Jews, at both the lay and pastoral level, will refrain from those attitudes of disdain and division which have so often marred their works in the past, and promote instead the American ideal of brotherhood.

That is the kind of America in which I believe. And it represents the kind of presidency in which I believe — a great office that must neither be humbled by making it the instrument of any one religious group, nor tarnished by arbitrarily withholding its occupancy from the members of any one religious group. I believe in a president whose religious views are his own private affair, neither imposed by him upon the nation, or imposed by the nation upon him as a condition to holding that office....



"I believe in an America where the separation of church and state is absolute..."

"Where no religious body seeks to impose its will directly or indirectly upon the general populace"


Dit is natuuurlijk allemaal heel erg dubieus...

Aan de andere kant gaat het ook over discriminatie van Katholieken.


Toch lezen we hier ook dezelfde ideeën die door 'Dignitatis humanae' gepromoot worden... 

http://kavlaanderen.blogspot.be/2012/05/kardinaal-walter-brandmuller-dignitatis.html

Met andere woorden, hoe 'religieus' is 'Dignitatis humanae' of eerder hoe 'politiek' is deze verklaring???

zondag 17 juni 2012

Young Men of Faith: 5 Katholieke Martelaren



Polen, september 1939, de Duitse vijand begint zijn meedogenloze veroveringsmars en prepareert het oorlogstheater voor Wereldoorlog II.

Op 1 september 1939 viel Hitler Polen binnen en begon zo de Tweede Wereldoorlog.

Het Salesiaanse huis in Poznan, in de Wroniecka-straat, werd bezet en in een kazerne voor Duitse soldaten omgevormd.

De jonge mensen van het huis bleven echter samenkomen in de bossen buiten de stad en in de stadsparken. Zo ontstonden er een aantal 'geheime' verenigingen.

In september 1940 werden Francis Kesy (20 jaar) en 4 compagnons van het oratorium van Don Bosco gearresteerd en beschuldigd van lidmaatschap van een verboden organisatie.

Zij werden overgebracht naar het sinistere Fort VII in de buurt van Poznan. Daarna werden ze eerst naar de Neukoln-gevangenis en later naar de Zwickau-gevangenis verplaatst.

Daar werden ze ondervraagd, gemarteld en tot dwangarbeid veroordeeld.


Twee notities laten zien, dat we te maken hebben met 'Reuzen van de geest':

"God alleen weet wat wij lijden."

"Gebed was onze enige steun in de donkerste nachten en dagen."

"God heeft ons dit kruis gegeven, en Hij geeft ons de kracht om het te dragen."


Ze baden de hele tijd de rozenkrans en de novenen van Don Bosco en Maria-Hulp-der-Christenen, het ochtend- en het avondgebed.

Indien het mogelijk was, vierden ze vreugdevol de liturgische feesten in hun cel.

Hun Geloof wankelde nooit!

Ze bleven geloofwaardige getuigen tot het einde.

Ze werden ter dood veroordeeld wegens 'hoogverraad' op 1 augustus 1942.

De uitspraak werd gevolgd door een langdurige stilte totdat één van de vijf uitriep: "Uw Wil geschiede!"

Ze werden gewoon veroordeeld voor het feit dat ze tot Katholieke organisaties behoorden, die ervan verdacht werden, dat ze aanleiding zouden kunnen geven tot het ontstaan van verzetsbewegingen.

Voordat zij stierven, waren ze in staat om naar hun ouders te schrijven.

Bij het lezen van deze zinnen staat men verbaasd als voor de echt 'grote' mensen.

Als voorbeeld zijn er de woorden die door Francis werden geschreven:

"Mijn lieve ouders, broers en zusters, de tijd is gekomen om afscheid te nemen op 24 augustus, de dag van Maria-Hulp-der-Christenen. Moge de Goede God mij naar Hemzelf geleiden. Heb geen spijt dat ik deze wereld zo jong zal verlaten. Ik ben nu in een staat van genade. Ik ga naar de hemel. Daar zal ik tot God bidden... Bid soms ook voor mij... Ik ga nu."

Ze werden meegenomen naar de binnenplaats van de gevangenis van Dresden en met een bijl onthoofd.

Het 33-puntenplan van de vrijmetselarij voor de vernietiging van de Katholieke Kerk (vertaald uit het Italiaans, uit "Teologica" nr. 14 - maart-april 1998)

Richtlijnen van de Grootmeester van de Vrijmetselarij aan de katholieke bisschoppen-vrijmetselaars, van kracht vanaf 1962, datum van de update van Vaticanum II. Alle broeders van de loge zijn ertoe gehouden, verslag uit te brengen over de vorderingen in het kader van deze beslissende bepalingen, die in oktober 1993 zijn herwerkt als progressief plan voor de eindfase. Alle vrijmetselaars die een positie bekleden binnen de Kerk, moeten deze goedkeuren en verwezenlijken.

1. Verwijder ééns en voor altijd de Heilige Michaël, beschermer van de Katholieke Kerk, uit alle gebeden in het kader van en buiten de H. Mis. Verwijder zijn beelden, met als stelling dat deze afleiden van de aanbidding van Christus.

2. Schaf de boete-oefeningen in de Vastentijd af, zoals de onthouding van vlees op vrijdag, of het vasten; verbied elke daad van offer of ontzegging. In de plaats hiervan moeten komen : geliefde handelingen in verband met vreugde, geluk en liefde voor de naaste. Zeg: "Christus heeft reeds voor ons het Paradijs verdiend" en "elke menselijke inspanning is nutteloos". Zeg aan allen dat zij de bekommernis om hun gezondheid ernstig moeten nemen. Moedig het gebruik van vlees aan, vooral varkensvlees.

3. Geef de protestantse herders de opdracht, de H. Mis aan een nieuw onderzoek te onderwerpen en Haar te ontheiligen. Zaai twijfels nopens de Werkelijke Aanwezigheid in de Eucharistie, en bevestig dat de Eucharistie - zoals in het protestantse geloof - slechts brood en wijn is, en niets méér dan een louter symbool. Verspreid protestanten in de seminaries en de scholen. Moedig het oecumenisme aan als de weg naar de eenheid. Beschuldig ieder die geloof hecht aan de Werkelijke Aanwezigheid, van subversief gedrag en ongehoorzaamheid jegens de Kerk.

4. Verbied de Latijnse liturgie in de Mis, in de aanbidding en in de gezangen, daar deze een gevoel van mysterie en eerbied overbrengt. Stel deze voor als aanroepingen van waarzeggers. De mensen zullen nalaten, de priesters te eren als mannen met een hoge intelligentie, die geëerbiedigd moeten worden als dragers van de goddelijke mysteries.

5. Moedig de vrouwen aan, in de kerk hun hoofd niet met een sluier te bedekken. Haren zijn sexy. Eis vrouwen als lectoren en priesters. Stel deze zaak voor als een democratische gedachte. Sticht een beweging tot liberalisering van de vrouw. Wie de kerk binnengaat, moet slordige kleding dragen om zich aldaar te voelen zoals thuis. Dit zal het belang van de H. Mis ontkrachten.

6. Breng de gelovigen ervan af, de Communie geknield te ontvangen. Zeg aan de kloosterzusters dat zij de kinderen moeten afleren, vóór en na de Communie de handen gevouwen te houden. Zeg hen dat God hen bemint zoals ze zijn, en verlangt dat zij zich volkomen op hun gemak voelen. Elimineer in de kerk alle knielen en elke kniebuiging. Verwijder alle bidbanken. Zeg de mensen dat ze gedurende de Mis hun geloof rechtstaand moeten belijden in plaats van geknield.

7. Elimineer de heilige orgelmuziek. Introduceer gitaren, joodse harpen, trommels, voetgetrappel enz. in de kerken. Dit zal mensen afbrengen van persoonlijk gebed en gesprek met Jezus. Gun Jezus niet de tijd om kinderen tot het religieuze leven te roepen. Voer rondom het altaar liturgische dansen uit, in prikkelende kleding, evenals theaterstukken en concerten.

8. Ontneem het heilig karakter aan de liederen tot de Moeder Gods en de H. Jozef. Bestempel hun verering als afgoderij. Maak ieder belachelijk die aan zulke verering doet. Voer protestantse liederen in. Dit zal de indruk wekken dat de Katholieke Kerk eindelijk heeft aanvaard dat het Protestantisme de ware godsdienst is of dat deze ten minste gelijk staat met de Katholieke Kerk.

9. Elimineer alle lofliederen met inbegrip van deze tot Jezus daar deze de mensen doen denken aan het geluk en de sereniteit die worden verkregen op grond van een leven van versterving en boete voor God vanaf de jeugd. Introduceer nieuwe liederen, louter om de mensen ervan te overtuigen dat de vroegere riten in zekere zin verkeerd waren. Vergewis u dat in elke Mis ten minste een lied komt waarin Jezus niet wordt vermeld en waarin daarentegen alleen wordt gesproken over liefde tot de mensen. De jeugd zal enthousiast zijn, te horen spreken over de liefde voor de naaste. Predik de liefde, de verdraagzaamheid en de éénheid. Spreek niet over Jezus, verbied elke aankondiging van de Eucharistie.

10. Verwijder alle relikwieën van heiligen van de altaren, en vervolgens eveneens de altaren zelf. Vervang hen door niet-gewijde heidense tafels die gebruikt kunnen worden voor het brengen van mensenoffers tijdens satanische missen. Elimineer de kerkelijke wetten die willen dat de H. Mis uitsluitend wordt opgedragen op altaren die relikwieën bevatten.

11. Verbreek de praktijk van het opdragen van de H. Mis in tegenwoordigheid van het Allerheiligste Sacrament in het tabernakel. Laat op de altaren geen tabernakels toe die worden gebruikt voor het opdragen van de H. Mis. De tafel moet eruit zien zoals een keukentafel. Zij moet verplaatsbaar zijn om tot uitdrukking te brengen dat zij absoluut niets heiligs is, doch moet dienen voor meerzijdig gebruik, zoals bijvoorbeeld als conferentietafel of als tafel om kaart te spelen. Plaats later ten minste een stoel bij een dergelijke tafel.

De priester moet daarop plaats nemen, om aan te geven dat hij na de Communie gaat rusten zoals na een maaltijd. De priester mag gedurende de Mis nooit knielen noch enige kniebuiging maken. Immers bij de maaltijd knielen wij toch ook nooit. De stoel van de priester moet worden opgesteld op de plaats van het tabernakel. Moedig de mensen aan om de priester te vereren, zelfs te aanbidden, in plaats van de Eucharistie, en hem te gehoorzamen in plaats van de Eucharistie. Zeg de mensen dat de priester Christus is, hun hoofd. Stel het tabernakel in een andere ruimte op, buiten het zicht.

12. Laat de heiligen van de kerkelijke kalender verdwijnen met enkele tegelijk op gezette tijden. Verbied de priesters om over heiligen te prediken met uitzondering van diegene die in het Evangelie worden vermeld. Zeg het volk dat eventueel in de kerk aanwezige protestanten daaraan aanstoot zouden kunnen nemen. Vermijd alles wat de protestanten stoort.

13. Bij het lezen van het Evangelie moet het woord "heilig" weggelaten worden. Bijvoorbeeld, in plaats van "Evangelie volgens de Heilige Johannes" wordt eenvoudig gezegd "Evangelie volgens Johannes". Dit zal de mensen laten denken dat ze geen verering meer verschuldigd zijn.

Herschrijf voortdurend de Bijbel, tot deze identiek wordt aan de protestantse. Laat het adjectief "Heilig" weg in de uitdrukking "Heilige Geest". Dat legt de weg open. Benadruk de vrouwelijke aard van God als een moeder vol tederheid. Elimineer het gebruik van de term "Vader".

14. Laat alle persoonlijke devotionele boeken verdwijnen en vernietig deze. Bijgevolg zullen eveneens de litanieën van het Heilig Hart van Jezus, van de Moeder Gods en van de H. Jozef verdwijnen als voorbereiding op de heilige Communie. De dankzegging na de Communie zal ook overbodig worden.

15. Laat ook alle beelden en afbeeldingen van engelen verdwijnen. Waarom zouden de beelden van onze vijanden ons ooit in de weg moeten staan? Definieer hen als mythen of bedverhaaltjes. Sta niet toe dat over engelen gesproken wordt, daar dit onze protestantse vrienden voor het hoofd zou stoten.

16. Schaf het klein exorcisme voor de uitdrijving van duivels af. Verkondig dat de duivels niet bestaan. Leg uit dat dit de methode is die in de Bijbel is aangenomen om het kwaad aan te duiden, en dat zonder een booswicht geen interessante verhaaltjes kunnen bestaan. Bijgevolg zal het volk niet geloven in het bestaan van de hel noch dat het kwaad ons ooit ten val kan brengen. Herhaal dat de hel niets anders is dan het verwijderd zijn van God, en dat daar toch niets vreselijks aan is, aangezien het in wezen om hetzelfde leven gaat als hier op aarde.

17. Onderricht dat Jezus slechts een man was die broers en zusters had en dat Hij de machthebbers haatte. Leg uit dat Hij hield van het gezelschap van prostituees, bijzonder Maria Magdalena, en dat Hij niet wist wat aan te vangen met kerken en synagogen. Zeg dat Hij heeft aangeraden, niet te gehoorzamen aan de hogere geestelijken. Leg uit dat Hij een groot meester was die daarom van de rechte weg afweek wanneer Hij ongehoorzaam was jegens de kerkleiders. Ontmoedig alle gesprekken over het kruis als overwinning. Stel het integendeel voor als een teken van mislukking.

18. Onthoud dat u er kloosterzusters kunt toe aanzetten, hun roeping te verloochenen wanneer u verwijst naar hun ijdelheid, charme en schoonheid. Doe hen hun habijt afleggen, en ze zullen vanzelf hun rozenkrans weggooien. Openbaar aan de wereld dat in hun kloosters tweedracht heerst. Hierdoor zal de bron van de roepingen opdrogen. Zeg aan de zusters dat zij niet aanvaard zullen worden indien ze niet verzaken aan het habijt. Werk ook mee aan het in diskrediet brengen van het habijt onder de bevolking.

19. Verbrand alle catechismussen. Zeg aan de godsdienstleraren dat ze moeten onderwijzen, Gods schepselen te beminnen in plaats van God zelf. Het openlijk beminnen getuigt van rijpheid. Zorg ervoor dat het woord "seks" een dagelijks gebruikte term wordt in uw godsdienstklassen. Maak seks tot een nieuwe godsdienst. Introduceer afbeeldingen over seks in de godsdienstlessen om aan de kinderen de realiteit te leren. Vergewis u ervan dat de afbeeldingen duidelijk zijn.

Moedig de scholen aan om zeer progressieve denkers te worden op het gebied van de seksuele opvoeding. Voer de seksuele opvoeding in op grond van de bisschoppelijke autoriteit, zodat de ouders er niets op tegen hebben.

20. Onderdruk de katholieke scholen, zodat ook de kloosterroepingen belemmerd worden. Maak de zusters duidelijk dat ze onderbetaalde sociale werksters zijn en dat de Kerk op het punt staat, hen uit te schakelen. Benadruk dat de lekenleraar in het katholiek onderwijs dezelfde wedde trekt als deze in staatsscholen. Stel niet-katholieke leraren aan. De priesters moeten dezelfde wedde verdienen als wereldse bedienden van overeenkomstige rang. Alle priesters moeten hun priestergewaad en hun kruis afleggen om door iedereen geaccepteerd te kunnen worden. Maak hen die zich daar niet aan houden, belachelijk.

21. Breng de Paus ten val en vernietig zijn universiteiten. Maak de universiteiten los van de Paus met de verklaring dat zij op deze wijze door de overheid gesubsidieerd kunnen worden.

Vervang de namen van religieuze instituten door wereldse namen teneinde het oecumenisme te bevorderen. Bijvoorbeeld: vervang "School van de Onbevlekte Ontvangenis" door "Nieuwe Hogeschool". Richt afdelingen van het oecumenisme op in alle bisdommen, en zorg ervoor dat ze onder protestantse controle komen.

Verbied gebeden voor de Paus en tot Maria, want deze ontmoedigen het oecumenisme. Verkondig dat de plaatselijke bisschoppen de bevoegde overheid uitmaken. Houd vol dat de Paus niet méér is dan een representatieve figuur.

Leg de mensen uit dat het pauselijk onderwijs slechts dient als gespreksstof, doch voor het overige geen enkele betekenis heeft.

22. Bestrijd het pauselijk gezag, en stel een leeftijdsgrens aan de uitoefening ervan. Verminder het beetje bij beetje, en leg uit dat u hem wil behoeden voor werkoverlast.

23. Wees stoutmoedig. Verzwak het pauselijk gezag en stel bisschopssynoden in. Zo zal de Paus nog slechts een vertegenwoordigende figuur zijn, zoals in Engeland, waar het Hogerhuis en Lagerhuis regeren, en de koningin van hen onderrichtingen ontvangt. Verzwak vervolgens het gezag van de bisschop, en schenk het leven aan een gelijklopend instituut op het niveau van het presbyterium. Zeg dat de priesters op deze wijze de aandacht zullen krijgen die ze verdienen.

Verzwak tenslotte het gezag van de priester door de oprichting van lekengroeperingen die de priesters controleren. Dit zal aanleiding geven tot een zodanige haat en afkeer dat zelfs de kardinalen de Kerk de rug zullen toekeren. Hierdoor zal de Kerk democratisch worden … de nieuwe Kerk …

24. Verminder de priesterroepingen door bij de leken de eerbied voor de priesters teniet te doen. Een publiek schandaal betreffende één priester zal duizenden roepingen teniet doen. Prijs priesters die voor de liefde tot een vrouw alles laten varen. Maak hen tot helden. Eer priesters die tot de lekenstand gebracht zijn als ware martelaren, die dermate verdrukt zijn dat ze het niet langer meer uithielden.

Veroordeel het tevens als een schande dat onze broeders vrijmetselaars in de priesterstand aan de kaak gesteld worden en hun namen gepubliceerd worden. Wees tolerant tegenover homoseksualiteit onder de priesters. Zeg de mensen dat priesters lijden onder de eenzaamheid.

25. Begin kerken te sluiten ingevolge gebrek aan priesters. Definieer deze maatregelen als goed en besparend. Zeg dat God overal het gebed verhoort. Zo worden de kerken tot een extravagante geldverspilling. Sluit vóór alles de kerken waarin traditionele devotie beoefend wordt.

26. Stel commissies in met leken en priesters die zwak staan in het geloof, die zonder problemen elke verschijning van Maria en elk schijnbaar mirakel, in het bijzonder vanwege de aartsengel Michaël, veroordelen en verwerpen. Vergewis u ervan dat geen enkele hiervan ook maar enigszins de goedkeuring volgens Vaticanum II krijgt.

Betitel het als ongehoorzaamheid jegens de autoriteiten wanneer iemand gehoorzaam is aan de openbaringen of zelfs wanneer iemand hierover nadenkt. Bestempel de profeten als ongehoorzaam jegens de kerkelijke overheden. Haal hun goede naam door het slijk, opdat niemand er nog zou aan denken, met hun boodschappen rekening te houden.

27. Verkies een antipaus. Beweer dat deze de protestanten en zelfs de Joden binnen de Kerk zal brengen. Een antipaus kan worden gekozen indien de bisschoppen stemrecht krijgen. Dan zullen zoveel antipausen worden gekozen dat bij wijze van compromis een Antipaus geïnstalleerd zal worden. Beweer dat de echte Paus dood is.

28. Schaf de Biecht vóór de Heilige Communie af voor de leerlingen van het tweede en derde jaar, zodat hen hieraan niets meer gelegen is wanneer zij in de vierde en vijfde klas en daarna in de hogere klassen komen. Zo zal de Biecht verdwijnen. Introduceer (in stilte) de gemeenschappelijke Biecht met absolutie in groep. Leg de mensen uit dat dit zo gebeurt wegens gebrek aan priesters.

29. Laat de Communie uitreiken door vrouwen en leken. Zeg dat dit de tijd van de leken is. Begin met uitreiking van de Communie in de hand, zoals bij de protestanten, in plaats van op de tong: zeg dat Christus het op dezelfde manier heeft gedaan. Verzamel enkele hosties voor de "zwarte missen" in onze tempels. Reik vervolgens, in plaats van de persoonlijke Communie een beker met niet-geconsacreerde hosties uit die men naar huis kan meenemen. Leg uit dat men op deze wijze de goddelijke gaven in het dagelijks leven kan ontvangen. Plaats hostie-automaten voor de Communie, en noem deze tabernakels.

Zeg dat ze tekenen van vrede moeten uitwisselen. Moedig de mensen aan, zich in de kerk te verplaatsen, teneinde de devotie en het gebed te onderbreken. Maak geen kruisteken, doch een teken van vrede. Leg uit dat ook Christus dit deed om de apostelen te groeten. Gun hen in dergelijke ogenblikken geen concentratie. De priesters moeten de Eucharistie de rug toekeren en het volk eren.

30. Nadat de Antipaus verkozen is, ontbind de bisschoppensynoden, de priesterverenigingen en parochieraden.

Verbied aan alle geestelijken om zonder toelating deze nieuwe verordeningen ter discussie te stellen. Leg uit dat God van nederigheid houdt en diegenen verafschuwt die glorie nastreven. Beschuldig al wie hierbij vraagtekens plaatst, van ongehoorzaamheid tegenover de kerkelijke autoriteiten.

Ontmoedig de ongehoorzaamheid aan God. Zeg de mensen dat zij aan de kerkelijke oversten moeten gehoorzamen.

31. Verleen de Paus (= Antipaus) een maximale macht om zijn eigen opvolgers te kiezen. Verorden aan allen die God beminnen dat zij het teken van het Beest moeten dragen, dit op straffe van excommunicatie. Noem het echter niet "teken van het Beest".

Het kruisteken mag niet worden gemaakt, noch door personen noch over personen (er mogen geen zegeningen meer worden gegeven). Het kruisteken maken, zal worden beschouwd als afgoderij en ongehoorzaamheid.

32. Verklaar de vroegere dogma’s vals, met uitzondering van dat van de onfeilbaarheid van de paus. Bestempel Jezus Christus als een mislukte revolutionair. Verkondig dat de ware Christus spoedig zal komen. Uitsluitend de verkozen Antipaus mag gehoorzaamd worden. Zeg de mensen dat ze moeten buigen wanneer zijn naam wordt uitgesproken.

33. Verorden aan alle onderdanen van de Paus, te strijden in heilige kruistochten om de enige wereldreligie te verbreiden. Satan weet waar al het verloren goud zich bevindt. Verover de wereld zonder erbarmen! Dit zal de mensheid datgene brengen waarnaar zij altijd zozeer heeft verlangd : "het gouden tijdperk van de vrede".

Over Leo Kardinaal Suenens... vrijmetselaar!

Tijdens het Tweede Vaticaans Concilie streden progressieve en conservatieve 'Cocilievaders' over de manier waarop het Katholieke Geloof zou moeten worden onderwezen in de wereld van vandaag. 

Het conservatieve kamp bestond onder andere uit de Kardinalen Ottaviani, Ruffini en Siri

Het progressieve of modernistische kamp bestond hoofdzakelijk uit Kardinalen die uit Noordwest-Europese landen kwamen; Duitsland, Nederland, België en Oostenrijk. Döpfner en Frinks uit Duitsland, Alfrink uit Nederland, König uit Oostenrijk en Suenens uit België. 

Achter de modernistische Kardinalen stonden de modernistische theologen, die uiteindelijke de theologische koers zouden doordrukken, met name; Schillebeeckx voor Nederland en België, Rahner voor Duitsland, Küng voor Oostenrijk. 

Schillebeeckx kreeg later als ketter leerverbod, Rahner hield er toen al een maîtresse op na en ketter Küng staat nu op het standpunt van de sedevacantisten. 

Het is opvallend, dat 50 jaar na de opening van het Concilie, de crisis in de Katholieke Kerk het grootst is, net in die landen waarvan destijds de Kardinalen het meest modernistisch waren.

Leo Kardinaal Suenens, Aartsbisschop van Mechelen-Brussel, met zijn Leuvense theologen, oefende waarschijnlijk de grootste invloed uit op het Concilie, zodanig zelfs dat er toen werd gezegd, dat het Concilie niet plaatsvond in het Vaticaan, maar in Leuven. Dit zijn dan toch veren die de Katholieke Universiteit Leuven zich op de hoed mag steken!

Misschien was het destijds wel interessant om vanuit Leuven tegen de schenen van de Katholieke Kerk te schoppen. Echter, om vanuit Leuven op een Kerk te blijven schoppen, die vernederd ter aarde ligt, is het toppunt van goddeloosheid!

Kardinaal Suenens was destijds een persoonlijke vriend van Paus Paulus VI. Hetgeen je over Suenens in verband met het Concilie kan lezen, doet je haren te berge rijzen. Het is werkelijk géén wonder dat de Kerk in België het hardst wordt getroffen door de crisis in de Kerk. 

Suenens was zoals bekend één van de vier moderatoren van het Concilie en een grote voorstander van de Nouvelle Théologie en het 'aggiornamento'. In 1964 richtte hij het Johannes XXIII-seminarie op. 

In de visie van de Nouvelle Théologie vallen theologie en dogmatiek niet los te zien van de historische ontwikkelingen. Deze historische, tijdgebonden dimensie van theologisch denken werd naar voren gebracht door de dominicaan Marie-Dominique Chenu in zijn programmatische boek Une école de théologie: Le Saulchoir (1937), een boek dat in 1942 op de Index van Verboden Boeken werd geplaatst wegens ketterij.

Tot de groep van theologen die samen met de term Nouvelle Théologie worden aangeduid, behoren verder ook Hans Küng, Edward Schillebeeckx en Karl Rahner. De theologen van de Nouvelle Théologie stonden een terugkeer naar de zuivere bronnen van de Katholieke leer voor. Deze methodologische beweging wordt aangeduid met het Franse woord 'ressourcement'.

In Vlaanderen is tegenwoordig de belangrijkste vertegenwoordiger van de ketterse 'Nouvelle Théologie' de Leuvense modernistische theoloog en CD&V-er Jürgen Mettepenningen!

Bepaalde ideeën en opvattingen van de Nouvelle Théologie werden nogmaals door Paus Pius XII veroordeeld in zijn encycliek Humani Generis (12 augustus 1950). In deze encycliek drukte Paus Pius XII zijn bezorgdheid uit over bepaalde "valse opinies die de grondvesten van de Katholieke Doctrine dreigen te ondermijnen."
 

Paus Paulus VI had ook zélf al gemerkt, dat tegen het eind van het Concilie (1965), er in de praktijk, andere wegen werden ingeslagen dan door het Concilie bedoeld. Paulus VI stelde zich bijvoorbeeld vragen in verband met de collegialiteit tussen de bisschoppen. Paus Paulus VI zag zich, naar aanleiding van de heftige anti-roomse tendensen, zelfs verplicht om het Primaatschap van de Paus in een officiële, ambtelijke notitie (Nota explicativa) vast te leggen, om zo de autoriteit van de Paus (en de Curie) te garanderen. 

Na het Concilie zette Suenens zijn 'dialoog met de wereld' en de 'uitvoering' van de besluiten van het Concilie, niet zonder controverse, voort.

Suenens was een grote pleitbezorger van de dialoog met andere christelijke denominaties en met andere religies. Hij was voor een grotere rol voor de leek, de modernisering van het religieuze leven, collegialiteit, religieuze vrijheid, etc.

Zijn opvolger, Godfried Kardinaal Danneels, beschreef Suenens als een uitstekende 'weer-voorspeller' die wist uit welke richting de wind waaide in de Kerk. Volgens Danneels was Suenens ook nog "een ervaren strateeg die zich realiseerde dat hij de wind niet van richting kon doen veranderen, maar dat hij wel de zeilen naar de wind kon zetten." Een mooie omschrijving voor ketterij!
Danneels had in Suenens blijkbaar een goede leermeester, want Danneels deed net hetzelfde als Suenens; het laten waaien!

Destijds gingen Suenens en co. rustig verder. Uiteindelijke zou Suenens in aanvaring komen met Paus Paulus VI naar aanleiding van zijn encycliek Humanae Vitae (1968). Het gebruik van abortus, sterilisatie en artificiële voorbehoedmiddelen zoals het condoom en de pil werden verboden. Suenens was het hier niet mee eens! 

In mei 1969, gaf Suenens een interview aan het Franse Katholieke tijdschrift Informations Catholiques Internationales waarin hij gepassioneerd de Romeinse Curie bekritiseerde. Eugène-Gabriel-Gervais-Laurent Kardinaal Tisserant eiste vervolgens de herroeping van de kritiek, maar Suenens weigerde.


Kardinaal Suenens was ook een aanhanger van de 'God-is-dood-theologie'.

In een artikel uit 1970 'Christendom zonder God?' (Portugees), gepubliceerd in het boek 'Christendom zonder Christus?', schrijft Suenens dat het traditionele beeld van God, zoals de Katholieke Kerk dat voorhoudt, moet verdwijnen!

"Zo is het écht te begrijpen, dat deze God zou moeten sterven, opdat de wereld en God zouden leven."

Leo-Josef Suenens, "Cristinaismo sem Deus?" in "Cristianismo sem Cristo?" Caxias: Edições Paulinas, 1970. p. 63-66.




Uit een handboek over de vrijmetselarij:

"Onze taak wordt in hoge mate vergemakkelijkt doordat het tweede Vaticaans concilie zich onvoorwaardelijk voor godsdienstvrijheid, voor erkenning van alle religies en van alle levensbeschouwingen heeft uitgesproken."

"Onze dank gaat speciaal naar de twee vooraanstaande personaliteiten die een Woord Vooraf voor dit boek hebben willen schrijven : van katholieke zijde, Dr. N.M. Wildiers, O.F.M. Cap., die de laatste jaren o.a. bekendheid verwierf door zijn studiën en voordrachten over Teilhard de Chardin en het patroneren van de uitgave van diens werken, en in 1962 voor Amsterdamse loges een voordracht over deze geleerde hield, en, van maçonnieke zijde, Dr P.J. van Loo, Grootsecretaris van de Orde van Vrijmetselaren onder het Grootoosten der Nederlanden en Grootmeester van de Hoge Graden van de Orde van Vrijmetselaren onder het Hoofdkapittel in Nederland. Tenslotte danken wij eerbiedig Zijne Em. L.J. Kardinaal Suenens, aartsbisschop van Mechelen-Brussel, en Zijne Em. Dr. B.J. Kardinaal Alfrink, aartsbisschop van Utrecht, voor de steun en de aanmoediging die zij ons schonken."


In 1976 ontving Suenens de Templeton-Prijs voor Vooruitgang in Religie.



Besluit:

Het Concilie spoort aan tot eerbied en liefde tot de vrijmetselaar als mens, maar niet tot de erkenning van zijn leer die in tegenstelling staat met het Katholieke Geloof. De onverzoenlijkheid van de houding der vrijmetselaars en van het Geloof van de Kerk, sluit de mogelijkheid om tot de vrijmetselarij én de Kerk te behoren totaal uit [Excommunicatie!]. Om een echte vrijmetselaar te kunnen zijn, zou de Katholiek zijn Geloof moeten opvatten als een subjectieve mening, maar het geloof zou dan niet meer het Geloof van de Kerk zijn, want de Kerk is gefundeerd op de Waarheid.

zaterdag 9 juni 2012

maandag 4 juni 2012

Corpus Christi in Lima, Peru

De Heilige Franciscus Caracciolo

De Heilige Franciscus Caracciolo (Villa Santa Maria, 1563 - Agnone, 4 juni 1608) was de stichter van de orde van de Mindere Reguliere Geestelijken.

Franciscus, in zijn jeugd Ascanius geheten, werd geboren in Villa Santa Maria in de Abruzzen uit het adellijke geslacht Caracciolo. Tijdens een zware ziekte in zijn jeugd besloot hij zijn leven in dienst te stellen van God en de naasten. Daarom trok hij naar Napels en na zijn priesterwijding wijdde hij zich geheel aan het gebed en aan de zielzorg. Ter dood veroordeelden konden altijd op zijn steun rekenen.

Hij sloot zich aan bij Johannes Augustinus Adorno en zijn broer Fabricius Caracciolo en stichtte de orde van de Mindere Reguliere Geestelijken. Naast de drie gebruikelijke geloften van armoede, gehoorzaamheid en zuiverheid, moesten zij beloven niet naar kerkelijke waardigheden te streven. Na de dood van Adorno bestuurde Franciscus deze orde en verbreidde haar over Italië en Spanje.

Voor de Eucharistie had hij zo'n vurige liefde dat hij bijna hele nachten in aanbidding doorbracht. Hij stelde vast dat deze vrome praktijk altijd het waarmerk van zijn orde moest blijven. Hij overleed 44 jaar oud op 4 juni 1608 te Agnone in de Abruzzen aan een slopende koorts.

zondag 3 juni 2012

De generaal-overste van de Priesterbroederschap van Sint Pius X, Mgr. Bernard Fellay, Pinksteren, Villepreux, Frankrijk: "De Kerk? Menselijk gesproken, is het voorbij!"

"Een andere, doch gelijkaardige zaak, is de betreurenswaardige, bijna wanhopige situatie, niet van een land, maar van de Kerk. Stel u voor, de Kerk, de Bruid van Christus, in een dergelijke, lamentabele toestand! Wie had zich dat kunnen voorstellen? De sloop, de slagen die Ze heeft geleden, voor, door en naar aanleiding van het Concilie... Ze zijn duidelijk zichtbaar, hier vlak voor ons. Droevig. Betreurenswaardig."

"Durven wij onszelf nog af te vragen hoe de Kerk weer zal oprijzen? En durven we te zeggen, dat menselijk gesproken, het voorbij is?"

"Maar we hebben niet het recht om "menselijk" over de Kerk te spreken, omdat de Kerk blijft, Ze blijft, de Kerk van Onze Lieve Heer Jezus Christus. En zelfs als we Haar in deze erbarmelijke staat zien, dan nog hebben we het recht niet om deze ellendige puinhoop te associëren met de Hemelse Kerk en dan te zeggen: "De Kerk is niet meer". Nee! De Kerk blijft bestaan, helaas misvormd door een algemene kanker. Maar, toch hebben we de zekerheid dat Ze weer zal oprijzen."

De Vera Praesentia Corporis Christi in Sacramento Eucharistiae = Over de Werkelijke Lichamelijke Tegenwoordigheid van Christus in het Sacrament van de Eucharistie

Het leerstuk van de Werkelijke Tegenwoordigheid stelt dat Jezus Christus werkelijk tegenwoordig komt en blijft onder de gedaante van brood en wijn tijdens de viering van de Heilige Mis.

Het geloof in de Werkelijke Tegenwoordigheid is gebaseerd op het Evangelie, waarin beschreven staat hoe Christus op de avond voor Zijn dood de woorden uitsprak "Dit is Mijn Lichaam." (Matteüs 26:26) en "Dit is Mijn Bloed" (Matt. 26:28). Men vindt het reeds terug bij de Apostolische Vaders Ignatius van Antiochië en Justinus de Martelaar alsook bij de Kerkvaders Johannes Chrysostomus (de proditione Judae) en Ambrosius (de mysteriis) en het werd bevestigd door het Concilie van Trente (1545–1563).


In een kerk getuigt de godslamp van Christus' Werkelijke Tegenwoordigheid in de geconsacreerde Heilige Hostie, ook ná de viering van de Mis, die in het tabernakel wordt bewaard.

De encycliek Ecclesia de Eucharistia legt voorts een accent op de werkelijkheid van de aanwezigheid van Jezus Christus onder de gedaanten van Brood en Wijn (realis praesentia): niet omdat andere wijzen van aanwezigheid van de Heer niet werkelijk zouden zijn, maar omdat het hier gaat om aanwezigheid in de meest volledige en uitmuntende betekenis (“per excellentiam”): een substantiële tegenwoordigheid wat uitgedrukt wordt in de term 'transsubstantiatie'. Wat deze uitdrukking betekent, heeft paus Paulus VI in zijn encycliek Mysterium Fidei onder woorden gebracht: dat brood en wijn er na de Consecratie niet meer zijn, zodat vanaf dat moment het Lichaam en Bloed van Jezus werkelijk aanwezig zijn onder de sacramentele gedaanten van Brood en Wijn.

De Heilige Eucharistie

De Heilige Eucharistie

De Heilige Eucharistie is het offer en het Sacrament waarin Jezus Christus zelf, onder de gedaante van brood en wijn, tegenwoordig is, geofferd wordt en genuttigd.

In de Heilige Eucharistie is Jezus-Christus zelf waarlijk en wezenlijk tegenwoordig, met Zijn godheid en Zijn mensheid, met Zijn ziel en Zijn lichaam, zoals Hij nu verheerlijkt in de hemel is.

Jezus Christus wordt tegenwoordig gesteld in de Heilige Eucharistie door de woorden van de Consecratie, die het brood veranderen in het lichaam van Jezus Christus, en de wijn in Zijn bloed.

Voor de Consecratie is op het altaar alleen brood en wijn.

Na de Consecratie is op het altaar de gehele Christus onder de gedaante van brood, en de gehele Christus onder de gedaante van wijn.

Aan de Heilige Eucharistie moeten wij de goddelijke eer of aanbidding bewijzen, omdat Jezus Christus, die daarin tegenwoordig is, waarlijk God is.


De Heilige Eucharistie als Offer of het Misoffer


De Mis is het onbloedig Offer van het Nieuw Verbond, waarin Jezus Christus, door de bediening van de priester, zichzelf slachtoffert aan God de Vader en Hem Zijn lichaam en Zijn bloed onder de gedaanten van brood en wijn, opdraagt.

In de Mis slachtoffert Christus zich op onbloedige wijze en door de bediening van de priester.

Jezus Christus offert zichzelf op aan God de Vader op het ogenblik van de Consecratie, wanneer het brood en de wijn veranderd worden in Zijn lichaam en Zijn bloed.

De beste manier om Mis te horen is, aandachtig te volgen wat er aan het altaar geschiedt, samen met de priester het goddelijk offerlam op te dragen, en zich te verenigen met Jezus Christus door een sacramentele of ten minste een geestelijke communie.


De Heilige Eucharistie als Sacrament

Het Heilig Sacrament des Altaars is het Sacrament waarin Jezus Christus, onder de gedaanten van brood en wijn, waarlijk tegenwoordig is, en door ons genuttigd wordt als een waarachtige Spijs voor onze ziel.

Om waardig te communiceren moet men in staat van genade zijn; ook moet men nuchter zijn, dit is één uur voor de communie niets gegeten en gedronken hebben, uitgenomen water en geneesmiddelen.

Wie er zich van bewust is een doodzonde bedreven te hebben, moet, alvorens te communiceren, te biechten gaan en de absolutie bekomen.

Paus Benedictus draagt voor 1 miljoen gelovigen de Heilige Mis op in Milaan, 3 juni 2012

vrijdag 1 juni 2012

De cel van Pater Pio in het klooster van San Giovanni Rotondo


De Latijnse Mis; religieuze hersengymnastiek... juist ja! 'Become a Saint!'


Over vrouwen en mode...


Vier minuten over het Concilie, de Traditie van de Katholieke Kerk en de toekomst



"Eén van de redenen waarom Johannes XXIII het Concilie opende, en hij praat erover in zijn openingsrede, is om een 'nieuwe taal' te vinden om beter 'contact te maken' met de moderne wereld. Maar, de grote vraag is of we écht die nieuwe taal, die 'contact maakt' met de moderne wereld, gevonden hebben?"

"Paulus VI praatte over de offers, die we zouden moeten brengen in verband met de vele dingen die ons dierbaar waren in onze eigen Katholieke Cultuur, als onderdeel van het aanpassingsproces aan de moderne wereld in de jaren '60. Nu zijn we 50 jaar later en wij realiseren ons dat het tijd is om sommige dingen van onze Katholieke erfenis te recuperen."

"Ik groeide op in een generatie die super gediciplineerd was door de Depressie en de Tweede Wereldoorlog. Ook de Kerk had vele elementen van die vroeg 20ste eeuwse wereld die erg gediciplineerd was en in haar aanpak van vrijwel alles zelfs vrij militaristisch was. Dus, mijn generatie en de mensen die nog een beetje ouder zijn dan ik, reageerden. En 'liefde', 'plezier' en 'vrede' werden de grote wachtwoorden. En zij reageerden eigenlijk tegen de generatie van hun ouders."

"En ik denk dat de revolutie binnen de Katholieke Kerk vooral voor rekening komt van de clerus en niet zozeer voor rekening van de leken. De clerus gooide het habijt af en gooiden hun regels overboord. Velen gingen in privéhuizen wonen. Maar, de jongere generatie lijkt niet erg geïnteresseerd te zijn in deze formule."

"Jonge mensen, die groot geworden zijn met ouders die 'vrijer' leefden, om het zo te zeggen, hebben als gevolg hiervan op vele gebieden nadeel geleden. Ze leden onder instabiliteit, aangezien ze vaak gescheiden ouders hebben. Je hebt dus nu een generatie die op zoek is naar méér engagement en grotere zekerheden. En merkwaardig genoeg ook méér discipline en een duidelijkere Leer."

"Voor jonge mensen is 'moderniteit' nu ouderwets. Ze kunnen omgaan met de veeleisendere liturgie van onze Roomse Traditie. De oude Mis en het Latijn van de oude Mis helpen zowel de priester als de leken om meer te begrijpen van de theologie van de Kerk in verband met de Latijnse Mis, die rechtstreeks terug gaat tot de derde eeuw."

"We zijn nu weer opnieuw bij een keerpunt. De jongere generatie priesters en seminaristen zijn op zoek naar hun tradities, omdat ze ze nodig hebben."

"De Kerk moet écht met de tijd meegaan en zich realiseren dat hun mensen en vooral de jonge mensen gesofisticeerder zijn dan in het verleden en dat zij op zoek zijn naar iets van een hoger niveau. En ik denk dat dat verband houdt met de rijkdom en de traditie van de laatste 2.000 jaar."

Father Joseph Kramer
Priesterbroederschap van Sint-Petrus

Rome 10 juni 2010

S.E. Mons. Mario OLIVERI - Vescovo emerito di Albenga-Imperia

S.E. Mons. Mario OLIVERI - Vescovo emerito di Albenga-Imperia

Raymond Kardinaal Burke: ‘We have to judge acts’

Raymond Kardinaal Burke: ‘We have to judge acts’

We Stand In Support of Padre Stefano Manelli

We Stand In Support of Padre Stefano Manelli

Paus Benedictus XVI

Paus Benedictus XVI

Een meditatie over het Heilig Misoffer